U bent in : home > projecten > akkervogels > grauwe gors

Project

Grauwe gors
Begindatum 2002
In het kort Bescherming van de grauwe gors in de Fruitstreek
Contact webmaster(a)vogelwerkgroepfruitstreek.be; dirk.ottenburghs@skynet.be
Inhoud

Achtergrond

Maatregelen

Stand van zaken

Lectuur

Hoe kan ik meedoen ?

Achtergrond

In 2002 werd beslist door de vogelwerkgroep om de inspanningen die geleverd werden voor de broedvogelatlas niet zomaar te stoppen. Daarom dat we dan ook op zoek gingen naar een zinvol en haalbaar project dat kon verdergezet worden via de reeds uitgevoerde tellingen.

De keuze was vrij vlug gemaakt en het logo van onze werkgroep verraadt het al : de grauwe gors. Niet enkel is dit een vrij zeldzame soort die het opvolgen meer dan waard is, daarbij komt nog eens dat Zuid-Limburg één van de kerngebieden blijkt te zijn voor deze zeldzame akkervogel. En spijtig genoeg is het zo dat zijn aantallen drastich omlaaggaan, een fenoneem waar ook de meeste andere akkervogels niet aan ontsnappen.

De oorzaken worden voornamelijk gezocht in een steeds grootschaligere landbouw, het verdwijnen van kleine landschapselementen en het ontbreken van voor deze soort geschikte teeltgewassen. 

Maatregelen

Inventariseren

Om beschermingmaatregelen te kunnen treffen, zijn eerst en vooral betrouwbare gegevens uit de eerste hand noodzakelijk. Daarom willen we met ons project het aantalverloop volgen, maar ook een poging doen om een zicht te krijgen op de leefwijze, biotoopkeuze en echte bedreigingen voor een soort als grauwe gors. De methode is vrij simpel. Op basis van de kilometerhokken idem als de broedvogelatlas worden de aantallen grauwe gors geteld. Al onze tellers kiezen één of meerdere km-hokken en stippelen in dat hok een traject uit dat zoveel mogelijk geschikte broedplaatsen aandoet. Alle hokken worden bezocht tussen zonsopgang en twee uur erna of van twee uur voor zonsondergang tot zonsondergang. Dit zijn de periodes dat de grauwe gorzen zich het meest laten horen en bij windstil en droog weer is het ’s avonds zelfs beter dan ’s morgens. Dus ook de langslapers kunnen meedoen.  Tijdens dat uur worden alle waarnemingen van grauwe gors opgetekend op een stafkaart (die je van ons zal krijgen). Het is de bedoeling om elk hok minstens vier maal te bezoeken tussen 10 mei en 10 juni. Nadien worden op basis van deze gegevens het aantal broedparen per km-hok bepaald. Ideaal zou een volledige inventarisatie van Zuid-Limburg zijn, maar dit is zeker geen must en met het huidige aantal tellers ook niet haalbaar.

Daarnaast wordt aan elke zangpost een beeld geschetst van de biotoop, belangrijk zijn de teeltgewassen, kleine landschapselementen, bebouwing,… Dit kan via een eigen getekend plannetje, een stafkaart op grote schaal met aanduiding van deze elementen of een foto van het gebied. Via deze gegevens willen we dan een poging doen om de ideale biotoop te ontdekken en eventueel later advies te kunnen geven naar de inrichting van gebieden voor grauwe gors. Om dit te kunnen doen en ook om een bruikbaar beeld te krijgen van het aantalverloop is het zeker de bedoeling dat er meerdere jaren achter elkaar wordt geteld.  

Bloemrijke akkerranden en wildakkers

Via het Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren (RLHV) kunnen verschillende landbouwbedrijven en wildbeheerseenheden uit droog en vochtig Haspengouw hun akkerranden of volledige akkers inzaaien met door het RLHV samengestelde zaadmengsels. Sinds dit project van start ging in 2004 is het aantal ingezaaide akkerranden en akkers gestadig gegroeid. Momenteel (voorjaar 2007) is er sprake van zo'n 40 deelnemende landbouwbedrijven voor de bloemrijke akkerranden en zo'n  

Zangposten

Eén van de dingen die inventariseerders hebben opgemerkt is dat het ontbreken van zangposten voor de grauwe gors een voorname reden is om er weg te blijven. Het plaatsen van stokjes lijkt te simpel om waar te zijn, maar is een aantal gevallen succesvol gebleken !

Stand van zaken

Eind 2003 kregen we de eerste resultaten binnen van ons startjaar. Samen met de gegevens van de broedvogelatlas doen we nu een poging om al enkele, weliswaar voorzichtige, conclusies te trekken. Het zou echter de bedoeling zijn om op vrij korte termijn advies te kunnen geven naar de geschikte instanties om in onze regio Fruitstreek maatregelen te treffen die een positieve invloed kunnen hebben op het aantal broedende paren grauwe gors.

Anno 2007 worden de grauwe gorzen nog steeds geïnventariseerd, via een vijftal over de regio verspreid liggende telroutes. De andere akkervogels waarvan de meeste ook op de rode lijst staan worden eveneens geteld.

Intussen heeft het RLHV al constructieve contacten met landbouwers en gemeenten gehad waardoor er nu bijna 40 landbouwers deelnemen aan het bloemrijke-akkerrandenproject waardoor ze de randen van hun akkers inzaaien met voor akkervogels interessante kruiden en gewassen.

Voorlopig blijft de grauwe gors het echter zeer slecht doen in onze streek en moeten er dringend effectieve maatregelen in het veld genomen worden om deze soort voor volledige verdwijning in onze streek te behoeden !

Lectuur

Hoe kan ik meedoen ?